Cooijmans KLokken

Oude en Antieke
Klokken

Over Cooijmans Klokken

Frans Cooijmans en Antonet Cooijmans-Slegers zijn in 1980 begonnen met de in- en verkoop, reparatie en restauratie van antieke klokken. Met de opleiding als instrumentmaker/stempel- matrijzenmaker als ondergrond heeft Frans zijn vakkennis opgedaan bij een wereldberoemde antiquair uurwerkmaker waar hij 12 ½ jaar werkzaam was en 7 jaar de leiding had over de restauratie afdeling. Sinds 1993 is Frans beëdigd taxateur in antieke klokken en horloges.

De restauratie van uurwerken uit de 17e, 18e en soms zelfs 16e eeuw is een tijdrovende aangelegenheid, waaraan veel speur- en puzzelwerk te pas komt om het gewenste resultaat te kunnen bereiken. U kunt zich dan ook wel voorstellen dat de internationale klokkencollectie die u bij “Cooijmans Antieke Klokken” aantreft op een hoog niveau staat.

Brabant Dagblad 7 oktober 2014 blz. 24 Meierij        Feeling met de klokkenmaker

Sint-Michielsgestel – Zijn eerste antieke klok verkocht Frans Cooijmans (1950) uit Sint-Michielsgestel al op vijftienjarige leeftijd. “Het was een Comtoise klok uit Frankrijk. Ik had hem voor honderd gulden gekocht van een tussenhandelaar en nadat ik de klok had gepoetst, gerepareerd en gerestaureerd verkocht ik hem voor driehonderd gulden”, vertelt Cooijmans.

Dat zijn hobby zou uitgroeien tot het bedrijf Cooijmans Oude en Antieke Klokken had hij niet durven dromen. Cooijmans: “Ik ben opgeleid tot stempelmaker en maakte stempels om materiaal in serie te kunnen persen.” Na zijn diensttijd was zijn werk overgenomen door een machine en ging hij aan de slag als stempelcontroleur, maar daarbij voelde Cooijmans zich niet op zijn plek. In zijn vrije tijd werkte hij voor Stender, de klokkenmaker die vroeger op het Petrus Dondersplein zat, en toen hij werd gevraagd om daar vast in dienst te komen aarzelde Cooijmans geen moment. “Ik was chef van de werkplaats en de klokken die ik in mijn vrije tijd opknapte mocht ik in de winkel van Stender verkopen. Anders dan Stender betaalde ik de tussenhandelaren wel goed en op tijd waardoor mijn handel beter liep”, aldus Cooijmans.

In 1983 is hij ontslagen en begon hij voor zichzelf. Hij kocht zijn klokken van tussenhandelaren, op veilingen, maar hij ging er ook voor naar Engeland en Parijs. “Dan reed ik 's nachts aan en stond ik om vijf uur 's ochtends op de markt van Parijs, want daar gebeurde het. Ik kocht mijn klokken rechtstreeks uit de vrachtwagens en met een volle auto ging ik terug naar huis. Daar knapte ik de klokken op, verkocht ze en kocht weer nieuwe”, vertelt Cooijmans. Het waren gouden tijden. Elke week verkocht hij een paar klokken. Hij had een jaaromzet van een half miljoen, maar de laatste tijd verkoopt hij gemiddeld nog maar twee klokken per jaar.

Zijn zaak draait nu op het repareren en restaureren van klokken. Volgens Cooijmans moet je feeling krijgen met de maker ervan. “Van daaruit kan je zien wat er door de jaren heen aan de klok is veranderd. Mensen willen vaak een honderd procent antieke klok, maar dat kan niet. Als een klok antiek is moet er altijd wel wat aan gerepareerd worden. Zo is het leven”, aldus Cooijmans. Meestal moet de klok alleen worden schoongemaakt, geolied, goed worden afgesteld, of de lagers ervan moeten worden vervangen, maar soms komt er meer bij kijken. Cooijmans: “Sommige onderdelen die vervangen moeten worden koop ik, maar sommige maak ik zelf. Het is elke keer een heel gepuzzel.” Het uitpluizen hoe een klok is gemaakt vindt Cooijmans het aller leukste om te doen. “Van de laatste klok die ik heb verkocht waren maar vier exemplaren op de wereld. Ik ben daarvoor naar een museum geweest om een ander exemplaar ervan te bestuderen”, vertelt Cooijmans. Hij besteedt nu zes halve dagen per week aan de klokken in plaats van tachtig uur zoals vroeger. “Dat is goed voor iemand die bijna gepensioneerd is”, aldus Cooijmans.